ECLI:NL:CRVB:1997:ZB7089
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G. Kasdorp
- G.A.J. van den Hurk
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bedrijfskrediet en toekenning rentevergoeding
Appellant, arbeidsongeschikt en werkzaam als chauffeur, vroeg in december 1993 een bedrijfskrediet aan om een ambulante handel in luxe ijsproducten op te zetten. De aanvraag werd afgewezen op basis van een ongunstige rapportage van het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK), dat het bedrijf niet levensvatbaar achtte.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, waarbij zij het IMK-rapport als doorslaggevend beschouwde. Appellant ging in hoger beroep en overhandigde een nieuw IMK-rapport uit 1996, dat een levensvatbare bedrijfsopzet concludeerde en een krediet van f 35.000,- adviseerde. De gemeente verstrekte vervolgens alsnog de lening.
De Raad oordeelde dat het oorspronkelijke besluit tot afwijzing niet gehandhaafd kon worden omdat het was gebaseerd op onjuiste uitgangspunten. Tevens werd het verzoek tot schadevergoeding wegens vertraging in de leningverlening toegewezen, waarbij alleen wettelijke rente werd toegekend conform artikel 6:119 BW Pro. Daarnaast werden proceskosten aan appellant toegekend.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en het eerdere besluit, verklaarde het beroep gegrond, en veroordeelde de gemeente tot betaling van rente en kosten. De uitspraak werd gedaan op 29 juli 1997.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van het bedrijfskrediet wordt vernietigd en de gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente en proceskosten.