Uitspraak
16.7272 ZW, 16/7322 ZW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep ongegrond;
- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van betrokkene in hoger beroep tot een bedrag van
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene ontving aanvankelijk een WW-uitkering na beëindiging van haar dienstverband bij een bedrijf. Later werd zij ziek gemeld en kreeg zij een Ziektewetuitkering (ZW). Na een strafrechtelijk onderzoek naar mogelijke uitkeringsfraude met gefingeerde dienstverbanden, waaronder het bedrijf waar betrokkene werkte, heeft het UWV de ZW-uitkering ingetrokken en teruggevorderd wegens het ontbreken van een verzekeringsstatus als werknemer.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van betrokkene tegen deze besluiten niet-ontvankelijk, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat betrokkene wel degelijk procesbelang had bij haar bezwaren. De Raad stelt vast dat de WW-uitkering onherroepelijk was ingetrokken omdat betrokkene daartegen geen rechtsmiddel had aangewend, waardoor zij niet als werknemer verzekerd was voor de ZW per 1 mei 2013.
De Raad overweegt dat het UWV terecht de ZW-uitkering heeft ingetrokken en teruggevorderd, tenzij er dringende redenen waren om daarvan af te zien. Betrokkene heeft echter niet aannemelijk gemaakt dat er onaanvaardbare sociale of financiële consequenties waren. Daarom worden de beroepen van betrokkene en het UWV gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van betrokkene ongegrond verklaard. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering is terecht ingetrokken en teruggevorderd omdat betrokkene niet als werknemer verzekerd was.