Uitspraak
21.1663 PW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Participatiewet en hebben in 2019 diverse stortingen en bijschrijvingen op hun bankrekeningen gehad die zij niet hebben gemeld aan het college. Het college heeft daarom het recht op bijstand herzien en de teveel ontvangen bijstand teruggevorderd, evenals een boete opgelegd wegens schending van de inlichtingenverplichting.
Appellanten stelden dat de stortingen geleend geld waren om schulden te betalen en dat zij niet wisten dat melding verplicht was. Deze argumenten werden verworpen omdat geldleningen niet zijn uitgezonderd van het middelenbegrip en het college terecht rekening hield met de inkomsten. Ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel en dringende redenen slaagde niet, omdat de terugvordering en boete in lijn zijn met de wettelijke bepalingen en er geen onaanvaardbare sociale of financiële gevolgen zijn aangetoond.
De rechtbank Rotterdam had de boete verlaagd, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigt de boete in aangepaste hoogte en wijst het beroep van appellanten af. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 13 december 2022.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en terugvordering van bijstand en handhaaft de boete wegens niet gemelde stortingen.