Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
€ 4.498-/-
5.Beslissing
- verklaart het hoger beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak van de rechtbank met uitzondering van de beslissingen over de immateriële schadevergoeding, de proceskosten en het griffierecht ten laste van de Minister;
- verklaart het tegen de uitspraak van de inspecteur ingestelde beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar, met uitzondering van de beslissing over de vergoeding van de kosten van bezwaar;
- vermindert de aanslag 2014 maar uitsluitend voor wat betreft de premieheffing tot een aanslag berekend naar een herleid premie-inkomen uitgaande van een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 37.402 en rekening houdend met een tijdsevenredige berekening van de heffingskorting premieheffing en vermindert het aldus berekende premiedeel van de aanslag met € 4.343;
- vermindert de beschikking belastingrente evenredig;
- veroordeelt de inspecteur in de kosten van het geding bij de rechtbank en het hof van, in totaal, € 2.106,50;
- bepaalt dat de inspecteur aan belanghebbende het betaalde griffierecht voor de behandeling van het beroep bij de rechtbank en het hoger beroep bij het hof van, in totaal, € 162,50 (€ 34,50 + € 128) vergoedt.