ECLI:NL:HR:2002:AE0455
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- L. Monné
- A.R. Leemreis
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over aftrek buitengewone lasten levensonderhoud grootmoeder
Belanghebbende bracht in haar aangifte inkomstenbelasting 1997 een bedrag van ƒ 7.200 in aftrek als buitengewone lasten voor het levensonderhoud van haar grootmoeder, die in Suriname werd verzorgd door een thuiszorgstichting. De Inspecteur handhaafde de aanslag na bezwaar, maar het Hof verklaarde het beroep gegrond en verminderde de aanslag tot een belastbaar inkomen van ƒ 87.773.
De Staatssecretaris stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Hof, stellende dat het bewijs van de aftrekpost niet voldeed aan de wettelijke eisen van schriftelijke bescheiden. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onvoldoende gemotiveerd had geoordeeld dat de overgelegde kwitanties voldoende controleerbaar waren, omdat deze onder meer geen adres, telefoonnummer of duidelijke specificatie van de betaling bevatten.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof, behoudens de beslissing over griffierecht, en verwees de zaak naar het Gerechtshof Den Haag voor verdere behandeling met inachtneming van de motivering in dit arrest. Tevens wees de Hoge Raad op het ontbreken van gronden voor proceskostenveroordeling, waarbij het verwijzingshof zal beoordelen of vergoeding van proceskosten aan belanghebbende toekomt.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof Den Haag voor verdere behandeling.