Conclusie
1.Feiten en procesverloop
nietbij arrest op het verzoek ex artikel 401a Rv zal worden beslist. De rolgriffier is geïnstrueerd de zaak aan te houden tot 12 januari 2021. [7]
Beslissing Hof: Voorzitter mr Kingma:
Vanwege nieuw binnengekomen stukken wordt het arrest v.d. rol gehaald.
Rol 12-1-2021: Beslissing hof verdere voortgang.”
Capgemini heeft bij brief van 30 november 2020 het hof verzocht op de voet van artikel 401a lid 2 Rv te bepalen dat tegen haar en [verweerder] gewezen arrest van 20 oktober 2020 onmiddellijk cassatieberoep kan worden ingesteld. [verweerder] heeft bij brief van 11 december 2020 verzocht het verzoek van Capgemini af te wijzen. Capgemini heeft haar verzoek bij akte van 15 december 2020 herhaald, waarna [verweerder] bij brief van 17 december 2020 haar verzoek tot afwijzing daarvan heeft herhaald.
Het hof ziet in de inhoud van de brieven en de akte geen aanleiding het verzoek van Capgemini tot het openstellen van tussentijds cassatieberoep toe te wijzen. Het verzoek van Capgemini wordt afgewezen.”
Beslissing hof:
Beslissing Rolgriffier: zaak wordt verwezen naar de rol van 9-03-2021 voor een antwoordakte na tussenarrest a/z app.
2.6 Een arrest is een authentieke akte waaraan ingevolge artikel 157 lid 1 Rv Pro tegenover een ieder dwingende bewijskracht toekomt met betrekking tot hetgeen daarin is verklaard omtrent verrichtingen ter zitting. Van de juistheid van de inhoud daarvan dient te worden uitgegaan, behoudens tegenbewijs. Uit de rechtspraak van de Hoge Raad volgt dat aan dat tegenbewijs de eis kan worden gesteld dat daaruit ondubbelzinnig de onjuistheid blijkt van hetgeen het arrest op dat punt inhoudt (ECLI:NL:HR:2010:BM2337). Uit hetgeen op de rol en in het roljournaal is vermeld en de hiervoor beschreven gang van zaken, kan ondubbelzinnig worden afgeleid dat het verlofarrest niet is gewezen en niet is uitgesproken.
2.7 Mr. Van de Wiel suggereert in zijn brief van 8 februari 2021 dat de beslissing om geen verlof te verlenen slechts is genomen door mr. Kingma. Die veronderstelling is onjuist. Mr. Kingma verzorgde als voorzitter namens de combinatie het contact met de griffie. De brief van 27 januari 2021 vermeldt ook met zoveel woorden als beslissing van het hof dat het verzoek van Capgemini wordt afgewezen.
2.8 Het voorgaande leidt tot de conclusie dat op grond van de administratie en de gang van zaken bij het hof niet kan worden aangenomen dat een verlofarrest is gewezen en uitgesproken. Blijkens de brief van 27 januari 2021 is geen verlof verleend voor het instellen van tussentijds cassatieberoep.
2.Bespreking van het ontvankelijkheidsverweer
Primairstelt [verweerder] zich op het standpunt dat – indien het hof bij het arrest van 22 december 2020 rechtsgeldig zou hebben beslist dat tegen het tussenarrest tussentijds cassatieberoep kan worden ingesteld – het hof op die beslissing mocht terugkomen en op basis van de ‘repliek/dupliek’ (gedoeld wordt op de nadere standpuntbepalingen van partijen van 15 december 2020 en 17 december 2020) feitelijk ook
isteruggekomen in de brief van 27 januari 2021. Ter onderbouwing stelt [verweerder] dat de beslissing van de rechter om al dan niet tussentijds beroep open te stellen, een beslissing van ondergeschikte, administratieve aard is ter bevordering van een ordelijk en vlot verloop van de procedure. Die beslissing dient daarom te worden aangemerkt als een rolbeschikking. Een dergelijke beschikking is geen bindende eindbeslissing en daarvan kan de rechter dus eenvoudig terugkomen. [verweerder] verwijst naar een HR-arrest van 17 december 2004, waarin de rechtbank in een eerste tussenvonnis tussentijds appel had uitgesloten, maar daar in een tweede tussenvonnis van terug was gekomen. De Hoge Raad oordeelde dat dit de rechtbank vrij stond. [18]
niet in het openbaar is uitgesproken. Zoals gezegd is in het arrest immers vermeld dat het in het openbaar is uitgesproken en is het ondertekend door de rolraadsheer en de griffier.
einduitspraakdaarin geen wijzigingen meer kan aanbrengen. [19] De rechter kan een vonnis, beschikking of arrest slechts verbeteren en aanvullen binnen de grenzen van de art. 31 Rv Pro (verbeteren kennelijke fout die zich leent voor eenvoudig herstel) of art. 32 Rv Pro (verzuimd te beslissen over een onderdeel van het gevorderde of verzochte). [20] Een kennelijke fout in de zin van art. 31 Rv Pro kan slechts worden aangenomen indien voor partijen en derden direct duidelijk is dat van een vergissing sprake is. [21]
tussenuitspraakkan de rechter terugkomen voor zover het niet gaat om een bindende eindbeslissing. Van een bindende eindbeslissing is sprake indien de rechter een geschilpunt uitdrukkelijk en zonder voorbehoud heeft beslist. [24] Van een bindende eindbeslissing kan in beginsel niet worden teruggekomen, tenzij sprake is van een evidente feitelijke of juridische misslag, of de rechter weet dat de eerdere beslissing leidt tot een ondeugdelijke einduitspraak. [25]
rolbeschikkingenkan de rechter in beginsel terugkomen, zij het dat die vrijheid wordt begrensd door de eisen van een goede procesorde.
volgendverlofverzoek tegen een
volgendetussenbeslissing, alsnog wordt beslist om verlof te verlenen, en dán beslist wordt om alsnog ook tegen de eerste beslissing het tussentijds aanwenden van een rechtsmiddel mogelijk te maken.