Conclusie
1.[eiser 1] (hierna: [eiser 1] )
[eiser 2])
[eisers])
Deutsche Bank)
1.Feiten
arrestrespectievelijk het
hof). [1]
BOMO). Sinds begin van de jaren ’90 bankieren [eisers] bij Deutsche Bank.
leningen) werden afgesloten tegen een variabele (Euribor-)rente vermeerderd met een opslag.
Renteswap 2005) met een hoofdsom van € 7.000.000, die met de genoemde twintigjarige roll-over lening correspondeert, en een vaste rente van 3,535%; en Renteswap 1a met een hoofdsom van € 26.300.000, die met de genoemde driejarige roll-over lening correspondeert, en een vaste rente van 3,67%.
rentevisiedocument van 2 juni 2008) luidt, voor zover relevant, als volgt:
rentevisiedocument van 16 juni 2008) luidt, voor zover relevant, als volgt:
Renteswap 2008) en Renteswap 2a. Renteswap 2 had een looptijd van tien jaar, met een aflopende hoofdsom van € 5.970.588 en een vaste rente van 4,92%. Renteswap 2a had een looptijd van tien jaar, een hoofdsom van € 26.300.000 en een vaste rente van 4,89%.
2.Procesverloop
In eerste aanleg
rechtbank).
CvA). Daarin verzocht zij de rechtbank, samengevat, de vorderingen van [eisers] af te wijzen, met veroordeling van [eisers] in de proces- en nakosten.
vonnis). [4] Daarin heeft zij, samengevat, de vorderingen van [eisers] afgewezen en [eisers] veroordeeld tot betaling van de proces- en nakosten.
MvG). Daarin vorderden [eisers] , samengevat, dat het hof het vonnis vernietigt en opnieuw rechtdoet op de volgende gewijzigde eis, aldus dat het hof:
MvA).
Wft). (
rov. 5.2)
Vordering onder II”
[betrokkene 1]), treasury advisor bij Deutsche Bank, inhoudende dat de rente zou gaan stijgen en het daarom goed zou zijn om in 2008 opnieuw een renteswap te sluiten. Verder had Deutsche Bank moeten mededelen dat er geen sprake was van een verwachte (relevante) stijging van de rente, maar wel van een verwachte daling die langdurig zou zijn bij aanhoudende slechte economische omstandigheden, wat vanwege de verwachte recessie door de omgekeerde rentecurve zeer voorzienbaar was. Verder had Deutsche Bank moeten mededelen dat zij bij het afsluiten van Renteswap 2008 een provisie van € 68.000 zou innen. (
rov. 5.3)
rov. 5.4)
rov. 5.5)
Vordering onder III”
rov. 5.6)
rov. 5.7)
Vordering onder I en V”
rov. 5.8)
rov. 5.9)
rov. 5.10)
rov. 5.11)
Vorderingen onder IV en VI”
rov. 5.12)
Slotsom”
rov. 5.13)
3.Bespreking van het principaal cassatieberoep
inlichtingdoor Deutsche Bank) zoals aangevoerd door [eisers] Daarbij wijst het subonderdeel onder meer op stellingen van [eisers] in eerste aanleg en hoger beroep, mede in het kader van grief V (“dwaling ex artikel 6:228 lid 1 sub a BW Pro”). [14] Aldus motiveert het hof zijn afwijzing van het door [eisers] gedane beroep op dwaling, specifiek hun vordering tot vernietiging van Renteswap 2008 wegens dwaling, onvoldoende. Daaraan voegt het subonderdeel nog toe dat, voor zover het hof oordeelt dat [eisers] onvoldoende kenbaar aan hun dwalingsberoep ten grondslag hebben gelegd dat de dwaling te wijten was aan voornoemde onjuiste mededeling van [betrokkene 1] (Deutsche Bank), dit oordeel onbegrijpelijk is gelet op die stellingen van [eisers] waarop het subonderdeel wijst.
baseren op haar rentevisie van 2 juni 2008(zoals blijkend uit het rentevisiedocument van 2 juni 2008). Welke “rentevisie” van Deutsche Bank “niet is gedeeld met hen” en waarin, met mijn onderstreping, “een rentedaling wordt voorspeld van 4,7%
in het eerste kwartaal van 2008naar 3,8%
in het laatste kwartaal van 2009.” Het gaat [eisers] daarbij, aldus het hof in rov. 5.4 met mijn onderstreping, om “het ontbreken
van deze rentevisie van Deutsche Bankbij het aangaan van Renteswap 2008.” [69]
eerstegeval betrekt het hof deze stellingen niet in de beoordeling waar het dat wel, en kenbaar, had moeten doen. Dit werkt door in het bestreden oordeel, want het ligt dan in de rede dat het hof deze stellingen daarbij evenmin in aanmerking neemt. In het
tweedegeval betrekt het hof deze stellingen wel in de beoordeling, maar beschouwt het deze ten onrechte als, kort gezegd, op voorhand irrelevant. [171] Ook dit werkt door in het bestreden oordeel, want het ligt dan in de rede dat het hof daarbij dezelfde fout maakt. [172]