Conclusie
1.Inleiding
2.De zaak in het kort
3.Het namens het openbaar ministerie voorgestelde middel
Feiten
[betrokkene 1]wordt het recht gelaten het laatst te spreken. Hij verklaart bij die gelegenheid:
de rechtbankals volgt heeft beslist.
in contracten in strijd met de waarheid opgenomen dat geen derden zijn of worden betaald "? De rechtbank ziet deze vraag graag beantwoord per in de concept tenlastelegging opgenomen document;
Vraag 5: Hoe is het bedrag van het vermoedelijk door [klaagster] wederrechtelijk verkregen voordeel van € 41 063 772,- - zoals opgenomen in de aanvraag SFO en in de KVI’s – samengesteld?
no cure no paykarakter draagt. Met andere woorden: [klaagster] komt alleen in aanmerking voor een commissie indien [A] een opdracht in de wacht sleept. Aangezien [A] de opdrachten van Trinidad & Tobago en Bahama’s met valsheid in geschriften heeft verkregen (waaronder de valse SPA’s), zijn de door [klaagster] gefactureerde en deels betaalde commissies ook aan te merken als wederrechtelijk verkregen voordeel.
no cure no pay-karakter hadden en de klaagster derhalve enkel commissies zou verkrijgen als [A] de opdrachten zouden worden gegund, zijn deze commissies naar het oordeel van het openbaar ministerie als wederrechtelijk verkregen voordeel aan te merken.
4.Het namens klaagster voorgestelde middel
Het middel
individuelebeoordeling
ten grondevergden, en (ii) ten onrechte en onbegrijpelijk [heeft] overwogen dat de beslagen niet nietig zijn omdat het achterwege blijven van een geldige betekening niet met nietigheid is bedreigd, alsmede ten onrechte niet [heeft] beslist op het verweer dat de beslagen niet (rechtsgeldig) zijn gelegd.”
Beslaglegging en onderzoek
Bijlage 1is de chronologie van de beslaglegging en het onderzoek van het OM uiteengezet. De belangrijkste conclusies daaruit zijn, samengevat:
De advocaatmr. [betrokkene 2] voert het woord overeenkomstig de door hem overgelegde pleitnotities. De pleitnotities zijn aan dit proces-verbaal gehecht en maken daarvan deel uit.
beslag ex art 94a Svop straffe van nietigheid dat een maximumbedrag waarvoor het recht tot verhaal zal worden uitgeoefend in het beslagexploot wordt vermeld en dat het verzoek machtiging samen met de rechterlijke machtiging en het beslagexploot door een gerechtsdeurwaarder worden betekend aan zowel de beslagene [11] als de derde-beslagene [12] , en
The Registrar of the Supreme Court of Barbados) [15] conform het verdragsmodel, [16] en (b) betekening in persoon aan de
Secretaryvan [klaagster] door de
Central Authorityvan Barbados. [17] Daarbij mag gebruik worden gemaakt van een
Process Server, zijnde een
"officer under direction of the Attorney General”van Barbados. [18]
“onverminderd de bevoegdheid van de gewone rechter”. [22] Meer concreet dient Uw Rechtbank in deze procedure op grond van de wet zonder discretionaire bevoegdheid de beslagen uitvoerbaar bij voorraad:
“summierlijk van de ondeugdelijkheid van de door de beslaglegger ingeroepen recht blijkt” [24] of de beslagen niet voldoen aan de vereisten van subsidiariteit en proportionaliteit, en
Productie 25). Daarmee staat vast dat de op ambtseed opgemaakte stukken AMB-84, FIN-006 en FIN-007 in strijd met de waarheid stellen dat op 9 februari 2021 klassiek beslag bij ABN Amro ten laste van [klaagster] zou zijn gelegd.
Productie 27). Het verbaast dan ook niet dat [A] niet in deze procedure is verschenen.
(b) het niet vermelden van het maximumbedrag waarvoor het recht tot verhaal zal worden uitgeoefend in het proces-verbaal van inbeslagneming of het beslagexploot als bedoeld in art. 94c, aanhef en onder b, Sv jo. art. 719, eerste lid, Rv;
(c) het niet betekenen aan klaagster en derde-beslagenen van het verzoek machtiging, de rechterlijke machtiging en de beslagexploten ex art. 94c Sv jo. art. 702, tweede lid, Rv, art. 719, tweede lid, Rv, art. 720 Rv Pro, art. 475 Rv Pro en art. 45, eerste lid, Rv, en;
(d) het niet doen van een schriftelijke kennisgeving aan derde-beslagenen ex art. 94, derde lid, Sv jo. art. 94b, aanhef en onder 1°, Sv.”
escrow-agreementmet kenmerk [klaagster] [rekeningnummer 1] op die derde, (ii) beslag onder een derde, te weten ABN AMRO Bank N.V., op de vordering van de klaagster uit hoofde van de
escrow-agreementmet kenmerk [klaagster] [rekeningnummer 2] op die derde en (iii) beslag onder een derde, te weten [A] , op alle vorderingen van de klaagster op die derde en voorts alle gelden, geldswaarden en/of roerende zaken die geen registergoederen zijn, die de derde-beslagene uit hoofde van een thans bestaande rechtsverhouding onder zich heeft en/of zal verkrijgen en/of aan de klaagster verschuldigd is of zal worden, zulks ter verzekering van het verhaal van de vordering(en). Het gaat bij het conservatoire beslag onder (i), (ii) en (iii) dus in wezen om beslag op vorderingen, evenals bij het klassieke beslag.
NJ1999/223: