Uitspraak
1.Kern van de zaken
2.De procedures
- de dagvaarding van 12 december 2025;
- incidentele conclusie tot voeging ex artikel 222 Rv Pro;
- vonnis in het incident van 25 juni 2025;
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie.
- de dagvaarding van 12 december 2025;
- incidentele conclusie tot voeging ex artikel 222 Rv Pro;
- vonnis in het incident van 25 juni 2025;
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie.
3.3. De feiten
4.De vorderingen en verweren
5.5. De beoordeling in beide zaken
Bij de beoordeling of de stellingen voldoende concreet en onderbouwd zijn en of het verweer voldoende gemotiveerd is weegt mee dat beide partijen al zeer lange tijd – in elk geval sinds de opt-out door [gedaagde 1] en [gedaagde 2] in 2007 – weten dat over de totstandkoming van de overeenkomsten en de afwikkeling daarvan een gerechtelijke procedure gevoerd zal (kunnen) worden, zodat van hen verlangd mag worden de voor hun procespositie relevante informatie en stukken te hebben verzameld en bewaard.
- een kopie van het aanvraagformulier van 6 oktober 1999 op naam van [gedaagde 1], waarop nummer ATP71 is ingevuld,
“advies en organisatieburo” was, met als beschrijving van de werkzaamheden:
‘Bemiddeling bij (…) leaseconstructies (…)’.
€ 144,00