ECLI:NL:RVS:2018:3922
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning zelfstandige Turkse vreemdeling
De vreemdeling, een Turkse zelfstandige, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met het doel arbeid als zelfstandige in de grondwerksector. De staatssecretaris wees deze aanvraag af wegens onvoldoende onderbouwing van het verdringingseffect en de levensvatbaarheid van het bedrijf, met name vanwege een gebrekkige marktanalyse in het ondernemingsplan.
De rechtbank had de afwijzing vernietigd, stellende dat de staatssecretaris onterecht een economisch oordeel gaf dat voorbehouden is aan de minister. De staatssecretaris stelde hoger beroep in en voerde aan dat het ondernemingsplan onvoldoende was en dat de vreemdeling niet voldeed aan het documentatievereiste zoals neergelegd in de Vreemdelingencirculaire 2000.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de staatssecretaris terecht het advies aan de minister had achterwege gelaten vanwege het ontbreken van een gedegen marktanalyse en dat de rechtbank dit niet had onderkend. Tevens verwierp de Afdeling de bezwaren van de vreemdeling over het gelijkheidsbeginsel, het inreisverbod en het niet horen in bezwaar. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning gehandhaafd.