Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep
- de memorie van grieven
- de memorie van antwoord
- de akte uitlaten producties van Dexia.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze civiele zaak betreft vier effectenleaseovereenkomsten die via een tussenpersoon tot stand zijn gekomen zonder de vereiste vergunning voor advisering. Dexia stelde in hoger beroep dat de vordering van de afnemer was verjaard en dat de tussenpersoon geen vergunningplichtig advies had gegeven, terwijl Dexia ook niet wist of behoorde te weten van dergelijke advisering.
Het hof oordeelde dat de verjaring niet was ingetreden vanwege stuitingsbrieven van de afnemer en dat de tussenpersoon in dit geval wel vergunningplichtig advies had gegeven, conform de gebruikelijke werkwijze van tussenpersonen waarvan Dexia op de hoogte was. Dexia had nagelaten navraag te doen naar de aard van de advisering, wat haar zwaar werd aangerekend.
Het hof verwierp het verweer van Dexia dat de afnemer fiscaal voordeel had genoten en dat dit in mindering moest worden gebracht op de schadevergoeding. De vergoedingsplicht van Dexia blijft volledig in stand, inclusief restschuld en betaalde rente, aflossing en kosten.
Het hoger beroep van Dexia faalt, het bestreden vonnis wordt bekrachtigd en Dexia wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van de afnemer. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt Dexia tot volledige schadevergoeding en betaling van proceskosten.