Conclusie
Nummer22/00038
Inleiding
Het middel
Bewijsmiddelen
[slachtoffer]:
mededeling van de verbalisant:
mededeling van de verbalisant:
mededeling van de verbalisant:
meermalentegen het hoofd is getrapt, waaronder op een moment dat de verdachte vlakbij de aangever was en een moment waarop de verdachte naast de aangever stond. Het hof komt daardoor tot de conclusie dat de verdachte gezien moet hebben dat [betrokkene 1] tegen het hoofd van het slachtoffer schopte. Het standpunt van de verdediging dat de verdachte dat niet heeft gezien omdat hem op dat moment het zicht werd belemmerd, volgt het hof dan ook niet.
meermalenschoppen blijkt uit de bewijsvoering dat het hof ervan is uitgegaan dat vanaf het moment dat de verdachte als medepleger kan worden aangemerkt het slachtoffer twee maal tegen het hoofd is geschopt, namelijk op het moment dat de verdachte “vlakbij” het slachtoffer stond en het moment hij “naast” het slachtoffer stond. In beide gevallen werd het slachtoffer geschopt door de medeverdachte [betrokkene 1]. Daarnaast heeft het hof bewezenverklaard dat de verdachte zelf het slachtoffer heeft geslagen tegen zijn “rug of hoofd” en hem in zijn rug heeft geschopt.
krachtwaarmee is geschopt volgt uit de bewezenverklaring en uit bewijsmiddel 2 dat is geschopt met geschoeide voet. Daarnaast volgt uit de bewijsvoering dat van de twee hiervoor genoemde schoppen, de eerste “met kracht” is uitgevoerd (bewijsmiddel 2, vierder alinea van onder) en dat na de tweede het hoofd van het slachtoffer “een stuk naar achter gaat” (bewijsmiddel 2, laatste alinea), hetgeen duidt op een schop met een aanzienlijke kracht.