Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
Feiten
De gemachtigde van eiseres:
3.Geschil in principaal en incidenteel hoger beroep
4.Het oordeel van de rechtbank
Beoordeling van het geschil
5.Beoordeling van het geschil
Stb.1993, 763, blz. 6), maar het ontbreken van enige juridische scholing is in belastingzaken – anders dan in procedures bij de algemene bestuursrechter, zie bijvoorbeeld ABRvS 31 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:297, r.o. 8 – geen grond om een vergoeding voor de kosten van rechtsbijstand te weigeren.
de kosten die een andere partij in verband met de behandeling van het beroep (…) heeft moeten maken”. Nu het beroep is ingesteld op 4 juni 2020 staat vast dat de kosten voor het uittreksel niet zijn gemaakt in verband met de behandeling van het beroep. Op 21 oktober 2019 was de reguliere beslistermijn voor het op 20 september 2019 ingediende bezwaarschrift nog niet verstreken, zodat belanghebbende op dat moment zelfs nog niet kon vermoeden dat de ontvanger niet tijdig zou beslissen op haar bezwaarschrift.
7.Beslissing
- vernietigt de beslissing van de rechtbank om de ontvanger te veroordelen tot vergoeding van immateriële schade (€ 571);
- bevestigt de uitspraak van de rechtbank voor het overige.
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie www.hogeraad.nl).
www.hogeraad.nl. Informatie over de inlogmiddelen vindt u op
www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.