Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding
2.De feiten en het geding in feitelijke instantie
Feiten
3.Het geding in cassatie
Wet- en regelgeving, wetsgeschiedenis, parlementaire behandeling, jurisprudentie en literatuur
€ 3000 te betalen.
5.Beoordeling van het cassatieberoep
11 november 2013 gedane (voldoening op) aangifte van BPM [37] en zonder verdere bijzonderheden, uiterlijk op 23 december 2013 moeten zijn ingediend. [38] De Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar van 16 mei 2017 het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens een niet verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn. [39] In de uitspraak op bezwaar heeft de Inspecteur geen opmerkingen gemaakt over het lange tijdsverloop tussen de indiening van het bezwaar en de uitspraak op het bezwaar.
een beroepis te wijten aan het niet (tijdig) betaald hebben van griffierecht door een belanghebbende, kan dit voor diens rekening blijven. [52] Dat lijkt mij zo te zijn, omdat de desbetreffende nalatige belanghebbende aldus de niet-ontvankelijk verklaring zelf heeft afgeroepen, ondanks te zijn opgeroepen om het griffierecht te betalen. In casu speelt dit geen rol, omdat voor bezwaar geen griffierecht verschuldigd is en belanghebbende in beroep tijdig het verschuldigde griffierecht heeft betaald. [53]
bezwaarwegens termijnoverschrijding, niet in de weg staat aan het recht van belanghebbende op schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn voor het doen van uitspraak op bezwaar.
berechting, moet worden vooropgesteld dat voor de berechting van de zaak in eerste aanleg twee jaren worden gerekend. Daarin is de duur van de bezwaarfase inbegrepen. [57] Het gaat dus om een combinatie van de bezwaarfase en de beroepsfase.
alleen [58] (dus zonder onderzoek naar de beroepsfase) een mogelijke overschrijding van de redelijke termijn in de
bezwaarfasete onderzoeken en zo nodig alleen daarvoor een vergoeding toe te kennen. [59] , [60] Pas nadat, rekening houdend eventuele met bijzondere omstandigheden, [61] is vastgesteld dat de redelijke termijn gecombineerd is overschreden, vindt een veroordeling tot vergoeding van schade naar evenredigheid plaats. Bij rijksbelastingen voor de bezwaarfase ten laste van de inspecteur en voor de beroepsfase en volgende ten laste van de Minister voor Rechtsbescherming.