AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Hoger beroep inzake loonbelastingheffing op bonus voormalige bestuurder internationaal concern
Belanghebbende, voormalig bestuurder van een internationaal concern, ontving in 2017 een bonus over 2009 en 2010 waarop loonbelasting werd ingehouden. Hij voerde aan dat hij recht had op voorkoming van dubbele belasting op grond van bestuurdersartikelen in belastingverdragen met Argentinië, Brazilië en Zwitserland, omdat hij feitelijk als bestuurder optrad. Het hof oordeelde dat belanghebbende niet voldeed aan het formele bestuurdersbegrip zoals vereist in de verdragen en dat de bonus niet kon worden toegerekend aan werkzaamheden voor buitenlandse vennootschappen op basis van een salary split vanwege onvoldoende direct verband.
De rechtbank had het bezwaar van belanghebbende tegen de inhouding van loonbelasting ongegrond verklaard, en het hof bevestigde dit oordeel. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde, omdat geen sprake was van een bewuste standpuntbepaling van de inspecteur die vertrouwen kon wekken dat de bonus niet zou worden belast.
Het hof concludeerde dat de inhouding van loonbelasting op de bonus terecht was en dat belanghebbende geen recht had op aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt dat loonbelasting terecht is ingehouden op de bonus en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Voetnoten
1.Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Argentinië tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, gesloten op 27 december 1996, Trb. 1997, 63.
2.Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Federatieve Republiek Brazilië tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen, gesloten op 8 maart 1990, Trb. 1990, 67.
3.Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Zwitserse Bondsstaat tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen, gesloten op 26 februari 2010, Trb. 2010, 98.
4.Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Zwitserse Bondsstaat ter voorkoming van dubbele belasting op het gebied van belastingen van het inkomen en van het vermogen, gesloten op 12 november 1951, Trb. 1951, 148, zoals gewijzigd bij de Overeenkomst tot wijziging en aanvulling van het verdrag, gesloten op 22 juni 1966, Trb. 1966, 177.
5.Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Singapore tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, gesloten op 19 februari 1971, Trb. 1971, 95.
6.Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Spaanse Staat tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en het vermogen, gesloten op 16 juni 1971, Trb. 1971, 144.