Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding
no cure no pay’-afspraak, gemaakt tussen de belanghebbende en zijn gemachtigde, in ontvangst is genomen door de gemachtigde en door deze, geheel of gedeeltelijk, wordt behouden als vergoeding voor de verleende rechtsbijstand. Hoe dat tussen belanghebbende en gemachtigde precies is afgesproken, blijkt niet uit de processtukken.
no cure no pay’-proceskostenbureau, zich schuldig heeft gemaakt aan schending van het recht dan wel blijk heeft gegeven van een onbegrijpelijke motivering.
2.De feiten en het geding in feitelijke instanties
3.Het geding in cassatie
4.Wetgeving, wetsgeschiedenis, jurisprudentie en literatuur
5.Beoordeling van het middel van het College
no cure no pay’-afspraak, de ontvangen vergoeding geheel of gedeeltelijk behoudt tot betaling van verrichte processuele diensten. Uit de stukken van het geding heb ik niet kunnen opmaken wat tussen belanghebbende en zijn gemachtigde precies is afgesproken over de wijze van honorering van de gemachtigde.
no cure no pay’-proceskostenbureau.
no cure no pay’-proceskostenbureau.
ontstaan van het rechtop schadevergoeding afhankelijk kan zijn van de wijze van uitbetaling. De aanwending van de vergoeding neemt niet weg dat een bestuursorgaan of rechter te laat heeft beslist.
no cure no pay’. Evenmin staat aan toekenning in de weg dat een belanghebbende ermee heeft ingestemd dat een eventuele (door een rechter toegekende) proceskostenvergoeding aan de rechtsbijstandverlener wordt uitbetaald. [56]
no cure no pay’-afspraak, onverlet laat dat het in de relatie tussen enerzijds het bestuur en de rechter en anderzijds de belanghebbende, zo blijft dat het de belanghebbende is aan wie recht toekomt op vergoeding van proceskosten en overige (immateriële) schade.